Bezetting

In de zonnige zomer van 1940 overspoelden Duitse militairen ons land en namen aan de kust hun intrek in hotels en gevorderde scholen. Vanwege het tekort aan inkwartieringsadressen bouwden ze in allerijl houten barakken. Ondanks het sporadisch vallen van een bom waren hier geen gevechten en de oorlog leek ver weg. De eerste jaren was het voor de Duitse militairen aangenaam toeven in Nederland. In de roes van de overwinning speelden ze een relaxed een potje kaart, zwommen in zee, gingen naar het café of bioscoop en wachten de geplande invasie op Engeland af.

De oorlog bood hen ook de mogelijkheid het onbekende Holland te ontdekken met de tulpenvelden, molens, polders, klompen en grachten. De kuststreek was een mooie kennismaking voor dit alles, want stranden en badplaatsen hadden velen nog nooit gezien. Gewapend met reisgidsjes getiteld ‘Die Niederlande Deutsch gesehen’ trokken ze er vanuit hun barakken op uit om hun nieuwe leefomgeving te verkennen. De pier van Scheveningen, het centrum van Amsterdam, de folklore van Volendam, maar ook de puinvlakte van het gebombardeerde Rotterdam was populair. De legerleiding stimuleerde de culturele uitspattingen van hun soldaten, het kwam de gewenste verbroedering met het bloedverwante Nederlandse volk ten goede.

Een paar jaar later namen ze in een vochtige koude bunker onder de grond voor de zoveelste keer hun Feldpost door, wetende dat ze aan de verliezende hand waren. De uitstapjes waren voorbij, inmiddels was er een tekort aan alles en de Nederlandse bevolking was toch minder Duitsgezind dan gehoopt. Boven hun hoofden hoorden ze elke nacht de geallieerde bommenwerpers vliegen richting hun geliefden ins Heimat. Terwijl de grens van het Derde Rijk in het zuiden en oosten terugtrok leek hier het dagelijks bericht uit de Eerste Wereldoorlog zich te herhalen; ‘Im Westen nichts neues’. Het was eindeloos oefenen, wachtlopen en verder bouwen aan de Atlantikwall. Toch verkozen de Duitse soldaten hun verblijf in een bunker langs de kusstrook in Nederland liever boven strijden aan het Oostfront.