Bunkers

Van megalomaan tot monoliet

Langs de kuststrook kan niemand er omheen: bunkers zijn opvallende verschijningen in het landschap. Ze verstoren het beeld, roepen vragen op over hun functie, waarom ze dáár staan, doen denken aan de oorlog, trekken als magneten de aandacht, dagen uit ze te beklimmen of binnen te gaan. Het zijn overblijfselen van de Duitse kustverdediging uit de Tweede Wereldoorlog die tegenwoordig als ‘de Atlantikwall’ bekend staat.

In 1940 hadden de Duitsers de westkust van Europa van het noorden van Noorwegen tot het zuiden van Frankrijk in handen. De duizenden kilometers lange kustlijn vormde de westgrens van het Derde Rijk. De kuststrook werd bewaakt vanuit veldversterkingen en op kwetsbare locaties werden mondjesmaat wat bunkers gebouwd. Na verloop van tijd nam echter de dreiging van een invasie vanuit Groot-Brittannië toe. Om dit te voorkomen beval Hitler op 14 december 1941 de aanleg van de Neue Westwall. Deze enorm lange verdedigingslinie zou de strategisch belangrijke gebieden beschermen tegen aanvallen vanuit zee en de lucht. Het skelet van de verdedigingsmaatregelen werd gevormd door duizenden bunkers, aangeduid als Ständige Ausbau im Stahlbeton.

Voor de ingang van een manschappenbunker hangt de was te drogen. Het dak van deze St-bunker is drie meter dik gewapend beton en ter camouflage voorzien van grasplaggen. (Foto: Collectie Bureau St.)

Deze Ständige Befestigungsanlagen waren technisch vernuftige moderne bouwwerken met een imposante muur- en dakdikte van minimaal twee meter gewapend beton. Het woord Ständig betekent dan ook letterlijk permanent. In tegenstelling tot veldversterkingen zijn het verdedigingswerken met een duurzaam karakter die een hoge mate van bescherming bieden. Binnen de vestingbouw spreekt men ook wel over ‘bomvrij’. Er zijn tientallen verschillende ontwerpen met elk een uniek typenummer, bedoeld voor onder andere het onderbrengen van manschappen, voorraden, commandovoering, vuurleiding, apparatuur, wapens en munitie. Sommige standaardontwerpen zijn meer dan honderd keer gebouwd, je komt ze in verschillende landen tegen. Het voordeel van de standaardisering was de efficiënte planning en bouw. Van het precieze aantal schroeven tot de hoeveelheid grind, van pantserdeuren tot grondverzet, alle benodigdheden in materiaal en tijd waren vooraf bekend. De bunkers en veldversterkingen werden geconcentreerd in zogenaamde steunpunten. Deze hadden een specifieke functie zoals een infanteriestelling, geschutsbatterij, hoofdkwartier of radarpost. Een groep van steunpunten vormde de verdediging van een afgebakend gebied, zoals een stad, haven of eiland.

Vanwege onvoldoende voorbereidingstijd en logistieke problemen werden in 1942 vooral bakstenen bouwwerken en bunkers met ‘slechts’ één meter dikke betonmuren en -daken gebouwd. Deze zogenaamde Verstärkt feldmässiger Ausbaue was echter niet bomvrij. Het duurde tot het najaar voordat het definitieve plan van een duizenden kilometers lange verdedigingslinie met Ständige Anlagen in detail werd geconcretiseerd. Bovendien vond in augustus de mislukte geallieerde aanval op Dieppe plaats, waarbij duidelijk werd hoe kwetsbaar veldstellingen en dunwandige bunkers waren voor luchtaanvallen. Hoewel zegenrijk, onderstreepte de gebeurtenis volgens Hitler de noodzaak van zijn megalomane idee. Die maand nog werd de uitbouw van de Kanaalkust en de Atlantische kust tot een ‘onneembare vesting’ aangekondigd. De Ständige Ausbau kreeg nu de hoogste prioriteit en vanaf deze tijd werd niet meer gesproken over de Neue Westwall, maar over de Atlantikwall. Het was een naam met symbolische en grote propagandawaarde.

Batterij Vineta: geschutsbunker type St.-671 waarin een 15cm kanon stond opgesteld. (Foto: Nationaal Archief)

In de twee daaropvolgende jaren werden verschillende bunkerbouwprogramma’s uitgevoerd. Vanwege het havengebied werd de hoogste verdedigingsgraad toegekend aan Vlissingen, Hoek van Holland, IJmuiden en Den Helder. Ook Den Haag was vanwege de bestuurszetel van belang. Veel kustgebieden kregen zowel aan de zee- als landzijde een ononderbroken linie van bunkers, tankmuren en –grachten. General Feldmarschall Rommel voegde daar begin 1944 nog ontelbare strandversperringen, mijnenvelden en inundaties aan toe. De gehele Nederlandse kust veranderde in een vesting.

In mei 1944 werd bevel gegeven naast ingangen van Ständige Bunker de afkorting St. te schilderen. Bij een luchtaanval wisten de militairen dat deze bunkers de plek waren om een veilig heenkomen te zoeken. Er zijn meerdere gevallen bekend van voltreffers met bommen van 500 kg, waarna de bunker slechts licht beschadigd was en de bezetting er niets aan over hield. Voor het weerstandsvermogen was het daarbij wel van belang dat het betonstorten tijdens de bouw ononderbroken plaatsvond, zodat de bunker van vloer tot dak één monolithisch geheel vormde.

Plattegrond van een bunker uit een zogenaamd Typenheft.

Hoewel een  afzonderlijke St.-bunker dus niet viel te kraken, was dat wel het geval met de Atlantikwall als geheel. De verdedigingslinie werd tijdens operatie Dynamo op 6 juni 1944 in Normandië doorbroken. Voor de Atlantikwall in Nederland maakte dat weinig verschil, het bleef immers een grensgebied wat beschermd moest blijven. Voor velen is het onbekend dat Nederland eind oktober 1944 zijn eigen D-day beleefde; de slag om de Westerschelde. De bunkers van de Duitse kustbatterijen op Walcheren doorstonden de aan de invasie van het eiland voorafgaande hevige bombardementen. Het ongeschonden geschut veroorzaakte nadien veel slachtoffers onder de geallieerde troepen in de landingsvaartuigen.

In totaal zijn er in heel West-Europa tussen 1940 en 1945 ruim 17.000 Ständiger Ausbau-bunkers gebouwd, waarvan ruim 2.000 in Nederland. Het aantal bouwwerken van dunwandig beton of metselwerk loopt in de honderdduizenden, hiermee is de verdedigingslinie één van de grootste bouwprojecten van de 20e eeuw. Vanwege hun grootte, vorm en impact vormen de St.-Bunkers het meeste karakteristieke element van de Atlantikwall. De laatste jaren is het besef ontstaan dat de Atlantikwall een cultuurhistorische waarde heeft. Sommige restanten hebben inmiddels de status van cultureel erfgoed of zelfs die van monument gekregen. Langs de kuststrook kan niemand er omheen: bunkers maken prominent onderdeel uit van een herinneringslandschap.

De militaire historie van de bezetting van de kuststrook in Nederland is veelzijdig: strategie, verdedigingsconcept, fortificatieontwerp, de planning en realisatie van de verdedigingslinie, de Duitse eenheden en hun bewapening. Maar ook talloze thema’s en gebeurtenissen langs de kuststrook die hier aan zijn gerelateerd; de oorlog in de lucht en op zee, vliegtuigaanvallen en –crashes, verzetsactiviteiten, gedwongen tewerkstelling, sloop van huizen, inundatie, evacuatie, etc.